(4) Features in MicroStation die je niet vindt in AutoCAD

Laatst aangepast door Marco Helleman op September 10, 2019 14:47

Het volgende en laatste deel in de reeks.

Arcering

Eén van de dingen waar MicroStation je heel eenvoudig meer mogelijkheden biedt dan AutoCAD is in het zelf maken van arceringen. In AutoCAD moet je een nieuw patroon eerst ontleden tot er alleen nog maar lijnen over zijn. Die lijnen moet je vertalen naar een tekstbestand met codes.

Als iemand zin heeft om dat een keer zelf te doen, dan wil ik dat wel een keer uitleggen, maar het is best ingewikkeld. Eén van de nadelen van op deze manier patronen definiëren dat het maken van ronde vormen erg lastig is. Je moet immers een ronding nabootsen met rechte lijntjes.

MicroStation heeft arceren op een andere manier benaderd. In plaats van arceerpatronen in definitiebestanden op te slaan worden arceringen die niet uit schuine lijnen (hatching) of gekruiste schuine lijnen (crosshatching) bestaan, opgebouwd uit cellen (patterning).

Een cell is in MicroStation wat een block in AutoCAD is. Een verzameling tekenelementen die als één geheel onder een naam wordt opgeslagen. Zo’n cell kan elk soort tekenelement bevatten, dus ook cellen, cirkels, teksten of gevulde elementen. En dus kan een arcering ook al die soorten elementen bevatten. En een cell maken is niet zo moeilijk (Elementen tekenen, cell origin plaatsen, hele boel selecteren en opslaan in een cell-bibliotheek. Oké kort door de bocht, maar ik ga ervan uit dat je dit weet).

En zo heb ik een arcering met daarin het logo van The People Group (sluikreclame):

Maar het werkt voor elke cell en de arcering is (indien gewenst) volledig associatief.

Lijntypes

In MicroStation heb je twee soorten lijntypes, interne en custom linestyles. Voor het maken van deze lijnstijlen beschikt MicroStation over een Line Style Editor. Deze bevat veel instellingen en die ga ik niet allemaal hier behandelen, maar het is relatief eenvoudig om een lijntype te maken. In AutoCAD is het ook niet heel erg moeilijk als je gebruik maakt van de expresstools. De mogelijkheden van deze lijnstijlen zijn alleen nogal beperkt.

Zo kun je in MicroStation een lijntype maken dat:

  • Uit één lijnstuk bestaat met daarbij of daarin een symbool, hoe lang je de lijn ook tekent er blijft maar één symbool in staan.
  • Je kunt een symbool gewoon zelf tekenen, een naam geven en dan in een lijntype opnemen.
  • Je kunt een lijnstuk in een lijnstijl een dikte meegeven die afwijkt van de andere lijnstukken en diezelfde lijnstijl.
  • Altijd eindigt met een lijnstuk (in plaats van een ruimte of een symbool).
  • Bestaat uit 3D-elementen.
  • Bestaat uit elementen met meerdere kleuren onafhankelijk van de kleur die de lijn krijgt.

Ik ga dit niet in dit artikel helemaal uitleggen hoe je dat doet. Er komt een artikel op de website dat daar over gaat.

Het aanpassen van een eenmaal geplaatste lijn met lijntype kan niet alleen qua schaal, maar ook met een verschuiving, zodat je geen rare hoeken hebt doordat het lijntype net een symbool heeft op die hoek.

Lijnstukken aan elkaar maken

Beide programma’s hebben hun eigen manier om losse elementen aan elkaar te maken. Met AutoCAD’s Join kun je een heleboel elementen tegelijk selecteren en dan met Join proberen aan elkaar te plakken. Dat gaat meestal goed, maar soms is het resultaat wat onvoorspelbaar. Soms kun je niet zien waarom bepaalde lijnen die met de uiteinden op elkaar lijken te liggen niet aan elkaar gemaakt kunnen worden.

Met MicroStation heb je twee methodes om elementen aan elkaar te maken: Je kunt het handmatig of automatisch doen. Bij “handmatig” selecteer je de losse elementen en MicroStation plakt ze aan elkaar. Bij “automatisch” laat je MicroStation zoeken naar aansluitende elementen. En dat gaat heel snel.
Als MicroStation een punt tegenkomt waar meerdere lijnen bij elkaar komen dan geeft hij jou de keus welke de juiste is. Dat geeft wat extra muisklikken, maar het resultaat is dan ook precies zoals je wilt hebben.

Object snaps

De meeste object snaps zijn in AutoCAD en MicroStation hetzelfde. Toch zijn er een paar verschillen. Misschien maar klein, maar omdat je snaps zo vaak gebruikt zijn ze misschien toch wel handig.

Keypoint-snap

In eerste instantie lijkt deze snap veel op de endpoint snap van AutoCAD. Maar schijn bedriegt, de keypoint-snap snapt op:

  • Eindpunten
  • Middelpunten van lijnen en bogen
  • Het midden van een cirkel
  • De quadrantpunten van een cirkel
  • Het midden tussen de 2 quadrantpunten van een cirkel
  • Het aangrijpingspunt van tekst
  • Het aangrijpingspunt van een cell

Dus dit is endpoint, midpoint, centerpoint, quadrant en insertionpoint in één! Daarnaast is er nog een instelling actief die je de mogelijkheid biedt om nog meer snappunten toe te voegen.

Keypoint Snap divisor

Dit is een instelling die kan zorgen voor extra snappunten. Standaard staat deze instelling op 2, waardoor MicroStation elk element virtueel door midden deelt en op dat midden een snappunt plaatst. Maar deze waarde kan aangepast worden. Dus kun je ook kiezen voor 3 of 4 of 10 of 20! Dus heb je ineens snappunten op 1/3 of 1/4 of 1/10 of 1/20 van de lijn, of 2/3, 2/4, 2/10 of 2/20 van de lijn….etc. Natuurlijk heb je deze instelling niet voortdurend op 20 staan, dan wordt je (lichtelijk) gek van al die snappunten, maar de Keypoint Snap divisor op 2 zorgt ervoor dat je niet teveel hoeft te switchen tussen snaps en de Keypoint Snap divisor op 3 kan je heel wat gereken besparen.

Centerpoint

De centerpoint snap lijkt wat overbodig omdat de keypointsnap al op het midden van een cirkel snapt, maar deze handige snap kan ook het midden van een vierkant of rechthoek vinden. Zelfs bij andere vormen vindt hij een snappunt, maar dat is dan niet het midden maar het zwaartepunt!

Bisector snap

Hiermee kun je snappen op het midden van een element. Nee, niet hetzelfde als midpoint. Midpoint kan alleen het midden van een lijnstuk vinden. Bisector snap vindt het midden van een linestring of complex chain. Kun je je voorstellen hoeveel je moet rekenen als je dat zelf zou willen bepalen?

Multisnap (1,2 en 3)

Lange tijd was de mogelijkheid van AutoCAD om meerdere snaps actief te maken, iets waar MicroStation-gebruikers alleen van konden dromen. Natuurlijk keypoint is heel krachtig, maar als je vaak andere snaps nodig had, moest je vaak met je muis heen en weer.
En toen kwamen de Multisnaps. Nee, je kunt niet alle snaps combineren, maar de belangrijkste wel. En in tegenstelling tot AutoCAD kun je ook de volgorde bepalen waarin MicroStation naar de snaps gaat zoeken. Dus als de volgorde: intersection, keypoint en nearest is dan gaat MicroStation eerst op zoek naar een intersection, als hij die niet vindt gaat hij op zoek naar een keypoint en pas daarna kiest hij voor nearest. Toch wel handig!

Lagenbibliotheek

Iedereen werkt met lagen en veel mensen met een vastgestelde lagenstructuur. Maar we zitten niet te wachten op een heleboel lege lagen in onze tekening die we niet gebruiken.

Binnen MicroStation kun je op verschillende manieren met lagen omgaan.

  • Je kunt ze elke keer zelf in je tekening aanmaken, maar dat kost veel tijd.
  • Je kunt ze opnemen in je seed-file (de naam voor een template-bestand in MicroStation) zodat ze in elke nieuwe tekening allemaal aanwezig zijn.
  • Of je kunt gebruik maken van een dgnlib met daarin alle lagen. Deze koppel je in de Levelmanager aan je tekening. Meteen zie je alle lagen in de dgnlib in de Levelmanager. Door een laag te gebruiken komt deze in je tekening te staan. De overige lagen van de dgnlib zijn weg zodra je de dgnlib ontkoppelt.

View attributes

MicroStation heeft verschillende manieren om de weergave van je tekening te beïnvloeden. Je kunt natuurlijk lagen aan en uit zetten, maar via een scherm dat “View attributes” heet kun je ook ineens alle teksten, maatvoeringen, arceringen of zelfs de vulling van de vlakken “uitzetten”, onafhankelijk van de laag. Je hoeft dus niet te kijken op welke laag de teksten staan en ook als ze op veel verschillende lagen staan dan kun je ze nog allemaal ineens uitzetten. Hierdoor wordt je tekening een stuk rustiger. Een veel gebruikte instelling is het uitzetten van de line-weights.

CONCLUSIE

Dit zijn zo wat dingen die het tekenen met MicroStation interessant maken.

Is MicroStation beter dan AutoCAD? Nee. Is AutoCAD beter dan MicroStation? Ook nee. Het zijn twee softwarepakketten die uiteindelijk ongeveer gelijkwaardige tekeningen opleveren. Ze kijken duidelijk goed naar elkaar, dus ze groeien ook nog eens naar elkaar toe. En persoonlijke voorkeur? Die blijf je altijd houden.